Paragrafen

Financiering

Ontwikkelingen

Algemene ontwikkelingen
De uitgaande en inkomende geldstromen van de gemeente houden geen gelijke tred en zijn sterk afhankelijk van het investeringsvolume, de voortgang van investeringsprojecten en de spreiding van de jaarlijkse reguliere uitgaven en inkomsten. De liquiditeitspositie in 2025 is over het algemeen goed geweest. Naast de wekelijkse inkomsten vanuit het gemeentefonds, de maandelijkse belastinginkomsten en de ontvangst van de jaarlijkse uitkering uit het BTW-compensatiefonds.

De financieringsbehoefte is en zal voor de onderhanden en geplande investeringen voor onderwijshuisvesting (IHP), sportaccommodaties, wegen en riolering onverminderd groot blijven.
Dit zal op lange termijn een negatieve invloed hebben op de schuldpositie. De reguliere aflossing van langlopende geldleningen, de keuzes en temporisering van de geplande investeringsprojecten in combinatie met uitvoering van de nota Bloemendaal duurzaam financieel houdbaar maken continue deel uit van het beleid om de voorziene toename van de schuldpositie te kunnen blijven beheren.

Renteontwikkeling
In 2025 werd bij investeringen een rentepercentage van 0,190% gehanteerd.
Er heeft daarom een correctie van het rentepercentage van de begroting plaats gevonden.
Volgens de wet moet de gemeente een correctie toepassen als de werkelijke rentelasten in Euro's die aan taakvelden hadden moeten worden toegewezen meer dan 25% afwijken van de rentelasten in Euro's die op basis van de vooraf berekende renteomslag zijn toegewezen.

Begroting 2025 (3,0%)
Dit betreft een vooraf vastgesteld omslagpercentage (rekenrente) dat wordt gebruikt om rentelasten toe te rekenen aan investeringen. Dit percentage is gebaseerd op verwachtingen ten aanzien van de marktrente en financieringsbehoefte en heeft als doel stabiliteit en voorspelbaarheid in de begroting te waarborgen.
In de Jaarstukken 2025 (0,190%)
Dit betreft het daadwerkelijk gerealiseerde rentepercentage, gebaseerd op de feitelijke rentelasten en financieringspositie gedurende het jaar. Dit percentage kan aanzienlijk afwijken van de begroting, bijvoorbeeld door:
lagere feitelijke rentelasten (bijvoorbeeld door gebruik van eigen middelen)
een lagere externe financieringsbehoefte
timingverschillen in investeringen
of gunstigere rentecondities dan vooraf geraamd.
Renteomslag en correctie
Het verschil tussen de begrote rekenrente en de werkelijke rente wordt via de renteomslag gecorrigeerd. Hierdoor sluiten de toegerekende rentelasten uiteindelijk aan op de werkelijke lasten, en wordt voorkomen dat structureel te veel of te weinig rente aan investeringen wordt toegerekend.

Kort samengevat: de 3,0% is een begrotingsmatige verdeelsleutel, terwijl de 0,190% de feitelijke uitkomst weergeeft na correctie op basis van de werkelijke financieringslasten.

Deze pagina is gebouwd op 04/30/2026 13:28:13 met de export van 04/30/2026 13:20:47